Het beeldend vermogen van kunst, echt, dat heeft een energie die je veel meer zou moeten gebruiken, bij het oplossen van grote maatschappelijke uitdagingen. In het creatieproces van creatieven zit zoveel kracht om iets te laten ontstaan, om iets te laten gebeuren. Kon je dat proces maar vangen en tot voorbeeld maken. Helaas ontbreken daarvoor -nog- wetenschappelijk toetsmethodes. Daarmee zou je cynici kunnen overhalen creatieven wel bij grootstedelijke projecten te betrekken. Nu wordt hun inbreng al te vaak vooraf afgeserveerd, want ach, dat werkt toch niet. Maar ik weet welke impact kunst kan hebben. Hoe verbindend kunstenaars kunnen zijn en hoe zij met weinig middelen grote resultaten bereiken.

Change the System
Ik zag dat ook bij ons Change the System-project. Een tentoonstelling over de veranderkracht van de kunst en design. Vijftig creatieve geesten, changemakers, presenteerden daarin kleine oplossingen voor de grote problemen van deze tijd. Van plasticsoep en politieke polarisatie tot grondstoffen schaarste en de achterkant van onze tech-samenleving.

BoTu
De changemakers brachten ons naar de Rotterdamse volkswijk Bospolder Tussendijken die in de volksmond BoTu heet. Een kwetsbare wijk met een diverse samenstelling: er worden wel 160 verschillende talen gesproken. In de wijk heeft driekwart van de bewoners een laag inkomen en leeft 30% in armoede. Huishoudens kampen met ernstige schulden. Het is ook een wijk met ‘BoTu power’, een sterk wijknetwerk en veel verbondenheid. Mensen zijn bereid iets voor elkaar en de buurt te doen.

Energietransitie zonder menselijke maat
BoTu is de eerste wijk in Rotterdam die klimaatneutraal moet worden en binnenkort van het gas gaat. Daar gaat ons IDOLS-project over: de energietransitie in een volkswijk. Die transitiewens is vanuit het stadhuis heel begrijpelijk. Maar voordat elke bewonder in BoTu daarvoor startklaar is, moet er veel veranderen. De mensen daar hebben wel iets anders aan hun hoofd dan energietransitie. Een woord dat hen helemaal niets zegt. Een betere woning, een lagere energierekening, kijk, zoiets is veel beter uit te leggen. Dat is ook het grote probleem van energietransitie: het wordt veel te technisch aangevlogen. De menselijke maat ontbreekt.

Human Power Plant
Die insight fungeert als uitgangspunt van ons project. Met als aanjager de Human Power Plant, een idee van kunstenaar Melle Smets en onderzoekers Kris De Decker en Klaas Burger. Een energiecentrale die werkt op spierkracht. Eerder hebben we die gebruikt in ons museum. Gedurende de feestdagen hield die de lichtjes van onze kerstboom aan. Bezoeker moesten daarvoor zelf stroom opwekken. De mens als energiebron. Als je zelf energie moet maken, verandert alles. Dan moet je zelf plots stevig je best doen om elk lampje te laten branden.

Energieslaven
Met dit kunstproject hebben we die gewenste menselijk maat naar BoTu gebracht. Aangezwengeld door de absurde gedachte: “Kan onze wijk draaien op menskracht”. Dat idee is zo beeldend dat iedereen in de wijk het meteen op zichzelf en op zijn eigen manier van leven kan betrekken. Zo wordt de energietransitie een menselijk verhaal. Bewoners zien dat het probleem niet gaat over hoe je energie gebruikt, maar vooral over hoeveel energie je gebruikt. Een rekensommetje leerde al snel dat elke bewoner -met het huidige energieverbruik- vijf energieslaven nodig zou hebben om elke dag acht uur elektriciteit te produceren. Als iedereen ook nog eens elektrisch gaat koken en verwarmen, zal het elektriciteitsverbruik naar verwachting verdubbelen, en heb je dus per persoon tien energieslaven nodig.

Heb vertrouwen
Mijn ervaring: laat kunstenaars hun ding doen en heb vertrouwen dat hun aanpak zal zorgen voor een verschuiving in de beleving van mensen. Ik schep als programmamaker de condities waarbinnen ze kunnen werken en bemoei me verder niet met de uitwerking. Ik houd wel de vinger aan de pols en stel kritische vragen zodat het proces scherp en op koers blijft.

Geef vertrouwen
Het project kwam langzaam op gang, vond ik. Ik vind negen maanden ook wel ambitieus om echt iets voor elkaar te krijgen en af te ronden. Tenzij creatieven direct het vertrouwen krijgen van opdrachtgevers, ja, dan kunnen ze meteen gaan. Daarmee win je zomaar een half jaar. Wij hadden het geluk dat bij de gemeente Rotterdam iemand zit, die de wijk kent en direct zei, dit gaan we doen. Het sluit aan bij een al lopend programma.

Maak gemeenschap opdrachtgever
Zie hierin ook een ander rol voor de coach. Binnen de gemeenten is vaak te weinig mankracht voor projecten zoals Idols. Die staan onderaan de prioriteitenlijstjes. De opbrengst is onduidelijk. Een coach zou kunnen fungeren als kwartiermaker en blijvend intermediair, een curator van het artistieke proces, waarvan de buurt de opdrachtgever is, niet de gemeente. En met een coach hoeven als die creatieven de vergaderingen niet bij te wonen. Dat doodt elke vorm van creativiteit, zeker weten.

 

Annemartine van Kesteren (Museum Boijmans Van Beuningen)